Ego(s)trippen

Dit artikel is geschreven door Doorpak BV

Samenvatting van het boek EGO Strippen, Rick van Asperen

Je ego ligt als een soort fysieke en sociale beschermlaag tussen jouw binnenwereld en de buitenwereld in. Ego-strippen betekent dat je (een deel van) deze buitenlaag verwijdert en je ontdoet van het overtollige: een verzameling van opgelegde normen, bijpassende vormen en gekozen strategieën die je in het verleden een dienst hebben bewezen maar geen enkele garantie meer bieden voor een goudomrande toekomst.

Hieronder wordt een aantal lagen beschreven die een belangrijke rol spelen bij ego(s)trippen.
De eerste drie cirkels vanuit de kern vertegenwoordigen onze binnenwereld. Het zelf, onze behoeften en onze gevoelens. Ons ego ligt daar als een (bescherm)laag omheen. De afstand tot de
buitenwereld wordt groter door alle vormen waarmee we ons ego manifesteren, de vijfde laag, onze G-spots. Als je je sterk identificeert met deze vormen, dan denk je dat je je ego bént in plaats van hébt. De zesde, buitenste cirkel is ons trippende ego. Het wordt steeds belangrijker voor je om te hechten aan alle symbolen die de manifestatie van je huidige ego ondersteunen. Steeds weer zet je als reactie op je omgeving hetzelfde personage op de planken. Je functie als manager, de sportprijzen die je hebt gewonnen, je kledingstijl. Hoe meer je aan deze ‘vormen’ gehecht bent geraakt, hoe groter de trip van je eigen ego. Je trippende ego neemt het roer van je over omdat je in essentie (vaak) denkt dat je niet goed genoeg bent. Er zijn vier (deels) tegenstrijdige basisangsten die ons trippende ego voeden:

  • angst om onderscheidende identiteit te verliezen vs. angst voor verlies van geborgenheid
  • angst voor risico en verandering vs. angst voor vrijheidsbeperking

Door de inzet van ons ego doen we dus verwoede pogingen om onze angsten te bestrijden door er met een grote boog omheen te lopen. Met ons dagelijkse toneelspel, onze maskers, proberen we de angsten binnen te houden. Verborgen voor de buitenwereld. En omdat ons ego niet zichtbaar is voor de buitenwereld heeft het verschillende vormen nodig om zich te manifesteren: de G-spots.

  1. Ik ben mijn gedachten (“ik ben een BMW-rijder, ik ben te dik, ik ben een doorpakker”)
  2. Ik ben mijn gevoeligheden (“Ik ben geïrriteerd, ik ben verdrietig, ik ben zenuwachtig”)
  3. Ik ben mijn gedrag (“Ik ben een drammer, ik ben slordig, ik ben een zware roker”)
  4. Ik ben mijn gestalte (“Ik ben mijn non-verbale communicatie”)
  5. Ik ben mijn geluid (“Ik ben mijn verbale communicatie”)
  6. Ik ben mijn goederen (“Ik ben mijn bezit”)
  7. Ik ben mijn geld (“Ik ben mijn financiële positie”)

Tot slot
Het trippende ego heeft altijd honger. De drie belangrijkste ‘basics’ uit dit boek die je móet
onthouden:

  • Je doet nooit iets voor een ander.
  • Het ligt nooit aan een ander.
  • Je oordelen zeggen niets over een situatie, iets of iemand anders.